(Opgelet: deze artikels werden voor 2002 geschreven en zijn dus mogelijk gedateerd)

Y-chromosoom geeft zijn geheimen prijs
Adam leefde 84.000 jaar later dan Eva - 31-10-2000

Het Y-chromosoom is minder nutteloos dan werd gedacht. Dat is al een eerste conclusie die het in kaart brengen van dit chromosoom heeft opgeleverd. Een andere genetische studie leert ondertussen dat onze gemeenschappelijke voorvader heel wat later leefde dan onze 'voormoeder'.

 

De ontrafeling van een leeg chromosoom

Het Y-chromosoom is een van de twee menselijke sekse-chromosomen, een paar van de in totaal 23 chromosomenparen die de erfelijkheid dragen. De andere paren worden autosomen genoemd. Wanneer zaad- en eicel samenkomen, worden ook de sekse-chromosomen gecombineerd. Een XX-combinatie levert een meisje op, bij een XY-paar zal een jongen ter wereld komen.

X- en Y-chromosomen zijn erg verschillend. Het X-chromosoom is groter en draagt veel meer genen dan een Y-chromosoom. Dat verklaart waarom recessieve genetische aandoeningen waarvan het causale gen zich op een sekse-chromosoom bevindt, veel vaker bij mannen dan bij vrouwen tot uiting komen. Bij vrouwen is er nog een kans dat het tweede X-chromosoom de aandoening onder controle houdt, terwijl mannen met hun Y-chromosoom daar geen hoop op moeten koesteren.

David Page, werkzaam in het Whitehead Institute in Cambridge Massachusetts en verbonden aan de prestigieuze Harvard Medical School, is bijna klaar met het in kaart brengen van het Y-chromosoom. Nog in de loop van dit jaar hoopt hij het project voltooid te hebben. Dan zullen 20 tot 30 miljoen van de bouwstenen van het chromosoom bekeken zijn. Omdat de rest van de 60 miljoen bouwstenen relatief inert lijken te zijn en met de huidige technieken niet onderzocht kunnen worden, zal het resultaat van Pages inspanningen toch als een volledige kaart van het Y-chromosoom worden beschouwd.

Het Y-chromosoom is lange tijd beschouwd als een leeg vat, een chromosoom dat enkel nuttig was om mannen te produceren, een taak die het SRY-gen voor zijn rekening neemt. En zelfs aan de zin daarvan wordt wel eens getwijfeld. Er heeft zelfs enige tijd een theorie opgeld gemaakt die stelde dat mannen met twee Y-chromosomen door de natuur waren voorbestemd om crimineel gedrag te ontwikkelen. Daar bleek niets van te kloppen, maar het toont hoe over het Y-chromosoom wordt gedacht.

De laatste jaren is aangetoond dat het Y-chromosoom minstens twee dozijn genen of genenfamilies draagt. Dat is inderdaad wat magertjes vergeleken met de ruim 2000 genen op een X-chromosoom, maar is ook niet helemaal betekenisloos. Vooral de specialisatie van het Y-chromosoom maakt het uniek. De genen op dit chromosoom dienen voornamelijk twee doelen: de aanmaak van sperma en hulp bieden aan cellen in de aanmaak van proteïnen.

Ook de evolutionaire geschiedenis van het Y-chromosoom is bijzonder. Oorspronkelijk waren X- en Y-chromosomen identiek en werd het geslacht bepaald door omgevingsfactoren. Deze genetische opmaak bestond 300 miljoen jaar geleden bij reptielen en wordt nu nog terug gevonden in schildpadden en krokodillen. Maar een van deze twee genen besloot de geslachtskeuze op zich te nemen en werd, in de woorden van Page, “een tiranniek man-bepalend gen”. Normaal gesproken wisselen genen kleine stukjes DNA uit, maar in een XY-combinatie werd de waarschijnlijkheid op dergelijke ruiloperaties steeds kleiner. Dat verkleint de kans dat mutaties hersteld werden door deze uitwisseling, wat resulteerde in steeds meer genen die niet langer werkten. Niet-functionele genen verdwijnen met de tijd, wat meteen verklaart waarom een Y-chromosoom slechts een fractie van het genetisch materiaal van zijn X-zusje draagt.

Dat zou op langere termijn wel eens het einde van het Y-chromosoom kunnen betekenen. Als steeds meer genen verdwijnen zou uiteindelijk ook het Y-chromosoom zelf er aan moeten geloven. De essentiële functies zouden dan overgenomen kunnen worden door andere genen. Er is echter nog een strohalm waaraan het Y-chromosoom zich kan vastklampen: genmigratie. DNA wordt niet enkel uitgewisseld tussen de twee delen van een chromosomenpaar, soms ‘springt’ een gen wel eens op een ander chromosoom. De laatste jaren is ontdekt dat het Y-chromosoom af en toe nieuwe klanten kan lokken, vooral dan genen die bij de spermaproductie betrokken zijn. Maar op lange termijn is het Y-chromosoom waarschijnlijk gedoemd te verdwijnen.

Adam verscheen pas na Eva

In het novembernummer van het wetenschappelijke tijdschrift ‘Nature Genetics’ wordt het Y-chromosoom ook onderzocht, zij het met andere objectieven. Peter Underhill van de Stanford universiteit onderzocht het Y-chromosoom van meer dan 1000 mannen uit 22 verschillende regio’s. Door een ‘stamboom’ van genetische variaties op te maken kan de gemeenschappelijke voorouder van waaruit alle variaties van het Y-chromosoom zijn ontsproten, worden achterhaald. Dergelijke studies werden al uitgevoerd omtrent het mitochondriaal DNA, dat onveranderd wordt doorgegeven langs de moederlijke lijn. Daaruit kwam de oermoeder of ‘Eva’ te voorschijn, die zo’n 143.000 jaar geleden in Afrika leefde.

Het onderzoek van Underhill toont echter aan dat ‘Adam’ veel later leefde, namelijk ongeveer 59.000 jaar geleden. Dat is niet onmogelijk en de oplossing werd even hierboven beschreven bij de evolutie van het Y-chromosoom. Voor de man met het ultieme Y-chromosoom opdook, moeten er duizenden generaties mannen zijn geweest die andere, minder perfecte, versies van het Y-chromosoom droegen.

Ook ‘Adam’ wordt overigens in Afrika gesitueerd. De ‘Out of Africa’-theorie, die stelt dat de moderne mens zich ongeveer 44.000 jaar geleden uit Afrika over de rest van de wereld verspreidde, wordt dus een te meer bevestigd. Ook andere conclusies uit het onderzoek bevestigen enkele standpunten die nog steeds met discussies worden omringd. Zo toont de genetische variatie aan dat Australië en Nieuw-Zeeland al vroeg werden gekoloniseerd, wat ook al door archeologisch materiaal werd bevestigd, maar nog steeds omstreden was.

(DdV)


 
Related links:

 

De evolutie van de mens volgens de Encyclopaedia Brittannica

Het onderzoek van David Page

Hoe ver staat het met het genoom-project?

 

 

© David de Vaal