DNA
van Australisch fossiel legt bom onder Out-of-Africa-hypothese
Ontstond de moderne mens op verschillende plaatsen
tegelijk? - 10-01-2001
Volgens
de Out-of-Africa-hypothese - die nog steeds de meeste steun geniet
- stammen alle hedendaagse mensen van een Afrikaanse ‘Eva’ en hebben
ze zich pas de laatste 100.000 jaar over de rest van de aardbol verspreid.
Maar de resultaten uit DNA-onderzoek van een opmerkelijk Australisch
fossiel dienen de theorie een gevoelige klap toe.
Het
geraamte van de ‘Mungo Man’ zorgt, bijna 30 jaar nadat het in de nabijheid
van het Mungomeer in Australië werd opgegraven, voor verhitte debatten
tussen wetenschappers die een verschillende kijk hebben op de oorsprong
van de moderne mens. In een artikel dat in het volgende nummer van
Proceedings of the National Academy of Sciences zal verschijnen,
argumenteert de paleo-antropoloog Alan Thorpe dat het geraamte anatomisch
modern is en maar liefst tussen de 56.000 en 68.000 jaar oud. Volgens
Thorpe brengt dit het vigerende model - de Out-of-Africa-theorie (OA-theorie)
- in ernstige moeilijkheden en verleent het steun aan de voornaamste
concurrent, de multiregionale of regionale continuďteitshypothese
(MR-theorie) .
De OA-theorie stelt dat de moderne mens in een enkele golf uit Afrika
migreerde en op relatief korte tijd de wereld inpalmde. Bij deze tocht
kwamen ze andere mensachtigen tegen, maar die waren niet opgewassen
tegen de superioriteit van de moderne mens. De OA-hypothese wordt
daarom ook wel de vervangingstheorie genoemd of - door onderzoekers
met wat meer gevoel voor dramatiek - de ‘Killer Africans’-theorie.
Achter deze hypothese schaart zich het gros van de wetenschappelijke
gemeenschap, niet in het minst omdat het belangrijkste bewijsmateriaal
geworteld is in de genetica.
Genetisch onderzoek naar de oorsprong van de moderne mens concentreert
zich op het mitochondriaal DNA (mtDNA), dat enkel door de moeder wordt
doorgegeven en daarom enkel verandert door mutatie. Bovendien zouden
deze mutaties in een min of meer vast tempo verlopen, zodat wetenschappers
het mtDNA als een genetische klok kunnen lezen, waarbij een groot
verschil in afstamming een groot verschil in mtDNA moet veroorzaken.
Het mtDNA-onderzoek heeft totnogtoe twee belangrijke conclusies opgeleverd.
Ten eerste blijkt het mtDNA van de mensheid weinig variatie te vertonen
en, ten tweede, is de variatie van het mtDNA het grootst in Afrika.
Deze bevindingen steunen de hypothese dat alle hedendaagse mensen
afstammen van een oermoeder die, volgens de heersende opvattingen
over het mutatietempo, ongeveer 200.000 jaar geleden in Afrika leefde.
Daarnaast is er ook archeologisch bewijsmateriaal voor de OA-theorie.
De oudste fossielen met anatomisch moderne trekken werden in Afrika
gevonden en Europese vondsten vertonen grote gelijkenissen met aan
het warme klimaat aangepaste Afrikaanse fossielen.
Maar dit is nooit voldoende gebleken om de aanhangers van de multiregionale
theorie, die stelt dat de moderne mens gelijktijdig op verschillende
plaatsen ontstond uit Homo Erectus, die ongeveer 1 miljoen jaar geleden
uit Afrika wegtrok, te overtuigen. De argumenten van hun tegenstanders
zijn dan ook niet sluitend. Het mutatietempo van het mtDNA wordt in
twijfel getrokken en sommige schattingen leveren een oorsprongsdatum
van 850.000 jaar geleden op, wat nauwer aansluit bij de MR-hypothese.
Het tijdstip waarop het mtDNA begon te variëren stemt bovendien niet
noodzakelijk overeen met het moment waarop diversificatie van biologische
kenmerken begon. Tenslotte is er ook een alternatieve verklaring voor
de grote variabiliteit van het Afrikaanse mtDNA, dat ook zou kunnen
betekenen dat niet-Afrikaanse gemeenschappen veel kleiner waren, of
significante terugvallen kenden in het aantal leden.
En ook de voorstanders van de MR-theorie kunnen archeologische vondsten
aanhalen om hun theorie waarschijnlijker te maken. Een van de belangrijkste
vondsten in dit verband trekt nu de aandacht. De ‘Mungo Man’ zou volgens
Alan Thorne, een van de leidende voorstanders van de MR-theorie, een
anatomisch moderne mens zijn, maar dan wel een van meer dan 60.000
jaar oud. DNA-onderzoek van het Mungo-mtDNA wees uit dat deze genetische
afstammingslijn is uitgestorven. Maar het zeer vroege verschijnen
van een anatomisch moderne mens, betekent steun voor de hypothese
dat niet alle moderne mensen zich in Afrika hebben ontwikkeld. Bovendien
is Mungo-DNA wel in hedendaagse mensen teruggevonden, wat suggereert
dat er reproductief contact is geweest tussen de voorouders van de
Aboriginals en de Mungo-mens. Dat plaats vraagtekens bij de hypothese
dat de afstammelingen van de Afrikaanse Eva andere menselijken simpelweg
vervingen.
Dit alles betekent echter niet dat de OA-theorie nu naar de prullenbak
wordt verwezen. Dat is ook niet gebeurd toen ander materiaal werd
aangehaald om de MR-hypothese te steunen en gebeurde evenmin toen
men de oermoeder gevonden dacht te hebben. Ook nu weer maken voorstanders
van beide hypotheses zich op om elkaar te lijf te gaan. Maar misschien
ligt de waarheid in het midden, want sommige wetenschappers verdedigen
een mengvorm tussen beide theorieën. Daarbij zouden vooral mensen
uit Europa en het Nabije Oosten uit ‘Eva’ zijn ontstaan, maar zou
vooral in Oost-Azië genendrift tussen moderne en lokale archaďsche
mensen verantwoordelijk zijn voor het ontstaan van anatomisch moderne
mensen. De jury is dus nog steeds in beraad en lijkt nog wel enige
deliberatietijd nodig te hebben.
(DdV)
Related links:
Paleo-antropologie
in de jaren ‘90
©
David de Vaal