(Opgelet: deze artikels werden voor 2002 geschreven en zijn dus mogelijk gedateerd)

Beschikt iedere baby over absoluut gehoor?
Absoluut gehoor speelt mogelijk rol in taalverwerving - 20-02-2001

Men dacht lang dat alleen muzikale genieën als Mozart, Beethoven of Frank Sinatra over een absoluut of perfect gehoor beschikten, maar de laatste jaren groeide het bewijsmateriaal dat deze eigenschap vaker voorkomt dan werd vermoed. Recent onderzoek lijkt er nu op te wijzen dat iedereen met perfect gehoor geboren wordt en dat dit een rol speelt in het verwerven van de moedertaal.

 

Absoluut gehoor is een wat gebrekkige vertaling van het Engelse ‘absolute pitch’, waarbij pitch staat voor de psychologische perceptie van een toon of muzieknoot. Personen die over een absoluut gehoor beschikken, kunnen een bepaalde toon precies herkennen, zonder eerst een muzieknoot als referentie nodig te hebben. Het merendeel van de mensen, ook onder musici, beschikt echter over een relatief gehoor en hebben die referentietoon wel nodig om een bepaalde muzieknoot te identificeren. Zij herkennen immers niet de toon op zich, maar baseren zich op het onderscheid tussen verschillende tonen om deze taak uit te voeren. Vandaar dat men vaak een pianotoets aanslaat voor een zangeres een aria te laten aanvatten.

Absoluut gehoor geniet al jarenlang een bijzondere aandacht in de psychologie en was al het onderwerp van heftige debatten. Zoals wel vaker het geval is, slaagt ook in dit verband de vraag of het om een aangeboren of aangeleerd kenmerk gaat erin de gemoederen te verhitten, en ook de mate waarin absoluut gehoor voorkomt was al onderwerp van menige wetenschappelijke discussie.

De afgelopen jaren werd steeds duidelijker dat absoluut gehoor een minder uitzonderlijke eigenschap was dan lang werd gedacht en dat het heus niet alleen muzikale supertalenten zijn die erover beschikken. Zo stelde de psycholoog Diana Deutsch vast dat sprekers van tonale talen - talen waarbij een toonverschil een verschil in betekenis oplevert en die door 1/3 van de wereldbevolking worden gesproken - bijna algemeen over een absoluut gehoor beschikken. Volgens Deutsch ontwikkelen sprekers van tonale talen een absoluut gehoor doordat zij al van jongsaf aan met het belang van toonherkenning geconfronteerd worden. Bij sprekers van niet-tonale talen is het vermogen tonen te herkennen minder belangrijk, waardoor zich hier geen absoluut gehoor ontwikkeld. Tenzij al vroeg met een muzikale opleiding wordt begonnen.

Jenny Saffran, hoofd van het Infant Learning Laboratory aan de Universiteit van Wisconsin, heeft echter pas een onderzoek besloten dat erop wijst dat iedereen met een absoluut gehoor wordt geboren, maar dat men deze eigenschap al snel verliest omdat een dergelijk verfijnd gehoor weinig nut heeft. Een kwestie van 'gebruik het, of verlies het' dus.

Saffran testte een aantal 8 maanden oude baby’s en volwassenen door ze lange reeksen muzieknoten te laten horen. Als in deze reeksen subtiele wijzigingen werden aangebracht, sloegen volwassenen er niet in deze te herkennen. De baby’s konden dat echter wel, wat werd ontdekt door wat de onderzoekers de ‘standaard impuls in kinderen’ noemen, te bekijken. Die gaat er van uit dat kleine kinderen gefascineerd zijn door wat nieuw is, maar al snel verveeld raken door bv. steeds hetzelfde deuntje. Door kleine wijzigingen aan te brengen in de tonenreeks die de baby’s al enkele keren hadden beluisterd - en die dus niet langer hun volle aandacht kregen - sloegen de onderzoekers erin de baby weer bij de les te brengen, én aan te tonen dat zij de verschillen wel degelijk opmerken.

Volgens Saffran toont dit aan dat absoluut gehoor een aangeboren eigenschap is, en bovendien één die iedereen meekrijgt. Zij is er dan ook van overtuigd dat dit een belangrijke rol speelt in de kennisverwerving van baby’s, in het bijzonder bij het aanleren van de moedertaal, waarbij het geen belang heeft of deze taal tonaal of niet is. In eerdere studies had de professor al aangetoond dat zuigelingen door een ‘statistisch leerproces’ een taal verwerven, waarmee ze bedoelt dat zij een taal leren door vaste geluidspatronen te leren herkennen. Pas later zouden andere manieren worden gebruikt om woorden te rangschikken.

Volgens Saffran is een absoluut gehoor dan ook een van de aangeboren kenmerken die baby's helpen snel een taal te leren, een manier die bovendien ook nuttig is voor andere leerprocessen. Een onderzoek dat pas aan de John Hopkins University werd gevoerd, wijst in dezelfde richting. Daar kwamen onderzoekers immers tot de vaststelling dat taalverwerving bij baby’s in grotere mate gebaseerd is op eenvoudige woordpatronen dan eerder werd vermoed.

(DdV)


 
Related links:

 

Muziek en het brein

Infant Learning Laboratory

 

© David de Vaal