Ozonconcentraties
schieten de hoogte in
Verkeer
belangrijkste oorzaak - 27-06-2001
Prachtig
weertje gisteren, maar bejaarden, kinderen en mensen met hart- of
ademhalingsproblemen konden maar beter binnenskamers blijven. In bijna
het hele land, en in het bijzonder buiten de stadskernen, werden de
drempelwaarden voor ozonconcentratie overschreden. Het verkeer blijft
de grote oorzaak van deze vorm van luchtverontreiniging.
Ozon
is tegelijk een zegen en een vloek, het hangt er maar vanaf in welke
atmosfeerlaag het zich bevindt. Hoog in de stratosfeer beschermt het
de bewoners van de aarde tegen schadelijke UV-stralen, maar in de
troposfeer, die zich tot een hoogte van 10 kilometer uitstrekt, en
op leefniveau vormt het een reële bedreiging voor de gezondheid van
mens, dier en plant en tast het zelfs bepaalde materialen aan.
Complex
evenwicht
We zijn er al aan gewend geraakt dat na enkele dagen zon ozonwaarschuwingen
worden uitgevaardigd. Deze keer werden de kritische waarden wel bijzonder
snel overschreden. Maandag was dat al op heel wat plaatsen het geval
en dinsdag kreeg bijna het hele land met hoge dosissen ozon af te
rekenen. Behalve in de grote steden, want de hoogste waarden werden
op het platteland geregistreerd. Dat lijkt misschien vreemd, want
zoals bekend is vooral het verkeer verantwoordelijk voor de hoge ozonconcentraties.
Het heeft echter alles te maken met de manier waarop ozon wordt gevormd.
Ozon (O3) in de leefomgeving - ook zomersmog, fotochemische
smog, troposferische ozon of doodgewoon slechte ozon genoemd - wordt
door de mens niet rechtstreeks de lucht in gepompt maar ontstaat door
een chemische reactie waarin stikstofoxiden (NOx), vluchtige
organische stoffen (VOS) en de zon een belangrijke rol spelen.
NOx en VOS worden voorlopers van ozon genoemd, omdat ze
dankzij de energie van de zon tot deze schadelijke stof worden omgevormd.
Beiden worden in hoofdzaak uitgestoten door gemotoriseerd verkeer.
Andere belangrijke bronnen voor stikstofoxiden zijn industriële en
andere verbrandingsinstallaties en elektrische centrales. VOS’en komen
bovendien in het milieu terecht door het gebruik van producten met
vluchtige oplossingsmiddelen, industriële productieprocessen en de
verwerking van fossiele brandstoffen.
Stikstofdioxide (NO2) reageert met zuurstof en vormt O3
en stikstofmonoxide (NO). NO combineert dan zelf weer met ozon en
VOS’en, waardoor opnieuw meer NO2 ontstaat. Stikstofmonoxide,
dat volop aanwezig is in uitlaatgassen, doet ozon dus ook verdwijnen,
maar maakt tegelijk meer voorgangers van ozon aan. Dat verklaart waarom
grote steden weinig te maken krijgen met extreem hoge ozonconcentraties,
net zoals het gevaar op hoge waarden groter is in het weekend (wanneer
er minder verkeer is) dan in de week. In steden en op verkeersdrukke
momenten is er te veel luchtvervuiling voor de vorming van ozon. Maar
de voorlopers van O3 verspreiden zich naar andere gebieden,
soms honderden kilometer verder, waar ze zich wel rustig tot ozon
kunnen recombineren.
Het is dan ook het ingewikkelde chemische proces dat aan de basis
van ozon ligt dat zorgt voor de wat vreemde verdeling van het ozonrisico.
Gevaar
voor de gezondheid
Ozon is een verrassend destructief goedje, dat bij mensen vooral de
ademhaling aantast. Het kan de oorzaak zijn van oog-, neus- en keelirritaties,
kan leiden tot overgevoeligheid van de luchtwegen en kan de longen
zelfs onherstelbaar beschadigen. Daarnaast is het een mogelijke oorzaak
van allergieën en astma, kan ozon het immuunsysteem aantasten, en
leidt het mogelijk tot misselijkheid en pijn in de borst. Omdat de
ozonconcentratie binnenshuis gemiddeld 50% lager is dan buiten, worden
risicogroepen bij hoge ozonwaarden aangeraden binnen te blijven. Maar
O3 vormt ook een gevaar voor mensen die blaken van gezondheid,
en het is dan ook beter buitenshuis geen zware inspanningen te leveren
als een waarschuwing is uitgevaardigd.
Ozon tast ook het plantenleven aan, met name het vermogen om voedsel
te produceren en op te slaan, waardoor het de groei verstoort en planten
kwetsbaarder maakt voor andere vervuilers, ziekten, insecten en slecht
weer. Dat heeft ook economische gevolgen, omdat ozon de opbrengst
van wingewassen omlaag haalt. En zelfs de stoffelijke wereld ontsnapt
niet aan de destructieve kracht O3: rubber en plastic worden
erdoor aangetast.
Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie
heeft een blootstelling van 8 uur aan ozonconcentraties van 120 microgram
per kubieke meter aantoonbaar negatieve gevolgen voor de longfunctie.
Er wordt dus naar gestreefd die waarde niet te overschrijden, maar
omdat men moeilijk zo lang kan wachten om de bevolking te waarschuwen,
wordt er alarm geslagen als het uurgemiddelde hoger gaat dan 180 microgram
ozon per kubieke meter. Ter vergelijking: de ‘natuurlijke achtergrondwaarde
- die jaarlijks met 1 microgram per kubieke meter stijgt en dus helemaal
niet zo ‘natuurlijk’ is - bedraagt 60 microgram per kubieke meter.
Op de site van de Intergewestelijke
Cel voor het Leefmilieu worden de huidige metingen bekend gemaakt
en kan u kijken of het veilig is de woning te verlaten.
Maatregelen?
Ozonvervuiling is bijzonder moeilijk aan te pakken, vooral omdat dat
een mentaliteitswijziging vraagt die de westerse mens op een teer
punt treft: mobiliteit. In principe kan iedereen meehelpen om de vorming
van ozon te beperken. De auto wat vaker aan de kant laten, kiezen
voor zuinige en milieuvriendelijke wagens, minder bruusk vertrekken
en wat trager rijden blijken echter maatregelen te zijn waar men het
moeilijk mee heeft. Vorig jaar nog stelde Minister van Consumentenzaken,
Volksgezondheid en Leefmilieu Magda Aelvoet voor tijdens de zomermaanden
de snelheidsbeperking terug te brengen naar 100km/u, maar die regel
werd niet aangenomen. Bovendien heeft het weinig zin zulke noodmaatregelen
af te kondigen, maar is een structurele aanpak nodig.
Die leek er vorig jaar aan te komen, toen Magda Aelvoet, met de bereidwillige
medewerking van de andere instanties die in dit gefederaliseerde land
een vinger in de milieupap hebben, de Ozoncampagne bekend maakte.
Deze campagne stond op drie poten: het federaal ozonplan, een informatiecampagne
(met de brochure “Minder
ozon, meer lucht” (pdf-formaat) en een aantal zomermaatregelen.
Ook dit jaar zouden deze maatregelen weer worden genomen en kan de
weggebruiker zich verwachten aan verscherpte snelheidscontroles in
de zomermaanden en blokrijden. Ook het stimuleren van de aanschaf
van een wagen
op LPG en de gratis controle van de uitlaatgassen gaat door. Ministers
Aelvoet en Isabelle Durant werken bovendien aan bijkomende maatregelen,
vooral bedoeld om ervoor te zorgen dat auto’s over goed afgestelde
motors beschikken. Naar verluid wordt er gedacht aan een halfjaarlijkse
verplichte keuring en vliegende controles. Tenslotte wordt ook via
de wetgeving op productnormen getracht het ozonprobleem aan te pakken,
in het bijzonder voor middelen waarin vluchtige oplossingen worden
gebruikt, zoals verf, vernis en inkt.
Maar België alleen kan het tij niet keren, want de voorlopers van
ozon kunnen honderden kilometers ver reizen, wat van de ozonproblematiek
een grensoverschrijdend probleem maakt. Structurele maatregelen op
Europees niveau zijn dus nodig, maar wat dat betreft toont België
zich volgens de Bond
Beter Leefmilieu een slechte leerling. In de krant De Morgen
zegt Bart Martens van de Bond dat België een Europese richtlijn die
de uitstoot van ozonvormende gassen wil beperken, onder druk van de
industrie tegenwerkt.
(DdV)
Aansluitende artikels:
Weerkaart
is niet overal even chaotisch - 26-06-2001
Olijventeelt
verwoest Middellands Zee-gebied - 18-06-2001
Ook
in de omgeving van Bush wordt het steeds warmer - 07-06-2001
Gat
in de ozonlaag blijft groeien - 05-10-2000
Related links:
Atmosferische
scheikunde
Internationale
aanpak luchtvervuiling
Federale
Diensten voor het Leefmilieu over luchtverontreiniging
LPG-subsidies
©
David de Vaal