(Opgelet: deze artikels werden voor 2002 geschreven en zijn dus mogelijk gedateerd)

Ozonconcentraties schieten de hoogte in
Verkeer belangrijkste oorzaak - 27-06-2001

Prachtig weertje gisteren, maar bejaarden, kinderen en mensen met hart- of ademhalingsproblemen konden maar beter binnenskamers blijven. In bijna het hele land, en in het bijzonder buiten de stadskernen, werden de drempelwaarden voor ozonconcentratie overschreden. Het verkeer blijft de grote oorzaak van deze vorm van luchtverontreiniging.

 

Ozon is tegelijk een zegen en een vloek, het hangt er maar vanaf in welke atmosfeerlaag het zich bevindt. Hoog in de stratosfeer beschermt het de bewoners van de aarde tegen schadelijke UV-stralen, maar in de troposfeer, die zich tot een hoogte van 10 kilometer uitstrekt, en op leefniveau vormt het een reële bedreiging voor de gezondheid van mens, dier en plant en tast het zelfs bepaalde materialen aan.

Complex evenwicht

We zijn er al aan gewend geraakt dat na enkele dagen zon ozonwaarschuwingen worden uitgevaardigd. Deze keer werden de kritische waarden wel bijzonder snel overschreden. Maandag was dat al op heel wat plaatsen het geval en dinsdag kreeg bijna het hele land met hoge dosissen ozon af te rekenen. Behalve in de grote steden, want de hoogste waarden werden op het platteland geregistreerd. Dat lijkt misschien vreemd, want zoals bekend is vooral het verkeer verantwoordelijk voor de hoge ozonconcentraties. Het heeft echter alles te maken met de manier waarop ozon wordt gevormd.

Ozon (O3) in de leefomgeving - ook zomersmog, fotochemische smog, troposferische ozon of doodgewoon slechte ozon genoemd - wordt door de mens niet rechtstreeks de lucht in gepompt maar ontstaat door een chemische reactie waarin stikstofoxiden (NOx), vluchtige organische stoffen (VOS) en de zon een belangrijke rol spelen.

NOx en VOS worden voorlopers van ozon genoemd, omdat ze dankzij de energie van de zon tot deze schadelijke stof worden omgevormd. Beiden worden in hoofdzaak uitgestoten door gemotoriseerd verkeer. Andere belangrijke bronnen voor stikstofoxiden zijn industriële en andere verbrandingsinstallaties en elektrische centrales. VOS’en komen bovendien in het milieu terecht door het gebruik van producten met vluchtige oplossingsmiddelen, industriële productieprocessen en de verwerking van fossiele brandstoffen.

Stikstofdioxide (NO2) reageert met zuurstof en vormt O3 en stikstofmonoxide (NO). NO combineert dan zelf weer met ozon en VOS’en, waardoor opnieuw meer NO2 ontstaat. Stikstofmonoxide, dat volop aanwezig is in uitlaatgassen, doet ozon dus ook verdwijnen, maar maakt tegelijk meer voorgangers van ozon aan. Dat verklaart waarom grote steden weinig te maken krijgen met extreem hoge ozonconcentraties, net zoals het gevaar op hoge waarden groter is in het weekend (wanneer er minder verkeer is) dan in de week. In steden en op verkeersdrukke momenten is er te veel luchtvervuiling voor de vorming van ozon. Maar de voorlopers van O3 verspreiden zich naar andere gebieden, soms honderden kilometer verder, waar ze zich wel rustig tot ozon kunnen recombineren.

Het is dan ook het ingewikkelde chemische proces dat aan de basis van ozon ligt dat zorgt voor de wat vreemde verdeling van het ozonrisico.

Gevaar voor de gezondheid

Ozon is een verrassend destructief goedje, dat bij mensen vooral de ademhaling aantast. Het kan de oorzaak zijn van oog-, neus- en keelirritaties, kan leiden tot overgevoeligheid van de luchtwegen en kan de longen zelfs onherstelbaar beschadigen. Daarnaast is het een mogelijke oorzaak van allergieën en astma, kan ozon het immuunsysteem aantasten, en leidt het mogelijk tot misselijkheid en pijn in de borst. Omdat de ozonconcentratie binnenshuis gemiddeld 50% lager is dan buiten, worden risicogroepen bij hoge ozonwaarden aangeraden binnen te blijven. Maar O3 vormt ook een gevaar voor mensen die blaken van gezondheid, en het is dan ook beter buitenshuis geen zware inspanningen te leveren als een waarschuwing is uitgevaardigd.

Ozon tast ook het plantenleven aan, met name het vermogen om voedsel te produceren en op te slaan, waardoor het de groei verstoort en planten kwetsbaarder maakt voor andere vervuilers, ziekten, insecten en slecht weer. Dat heeft ook economische gevolgen, omdat ozon de opbrengst van wingewassen omlaag haalt. En zelfs de stoffelijke wereld ontsnapt niet aan de destructieve kracht O3: rubber en plastic worden erdoor aangetast.

Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie heeft een blootstelling van 8 uur aan ozonconcentraties van 120 microgram per kubieke meter aantoonbaar negatieve gevolgen voor de longfunctie. Er wordt dus naar gestreefd die waarde niet te overschrijden, maar omdat men moeilijk zo lang kan wachten om de bevolking te waarschuwen, wordt er alarm geslagen als het uurgemiddelde hoger gaat dan 180 microgram ozon per kubieke meter. Ter vergelijking: de ‘natuurlijke achtergrondwaarde - die jaarlijks met 1 microgram per kubieke meter stijgt en dus helemaal niet zo ‘natuurlijk’ is - bedraagt 60 microgram per kubieke meter. Op de site van de Intergewestelijke Cel voor het Leefmilieu worden de huidige metingen bekend gemaakt en kan u kijken of het veilig is de woning te verlaten.

Maatregelen?

Ozonvervuiling is bijzonder moeilijk aan te pakken, vooral omdat dat een mentaliteitswijziging vraagt die de westerse mens op een teer punt treft: mobiliteit. In principe kan iedereen meehelpen om de vorming van ozon te beperken. De auto wat vaker aan de kant laten, kiezen voor zuinige en milieuvriendelijke wagens, minder bruusk vertrekken en wat trager rijden blijken echter maatregelen te zijn waar men het moeilijk mee heeft. Vorig jaar nog stelde Minister van Consumentenzaken, Volksgezondheid en Leefmilieu Magda Aelvoet voor tijdens de zomermaanden de snelheidsbeperking terug te brengen naar 100km/u, maar die regel werd niet aangenomen. Bovendien heeft het weinig zin zulke noodmaatregelen af te kondigen, maar is een structurele aanpak nodig.

Die leek er vorig jaar aan te komen, toen Magda Aelvoet, met de bereidwillige medewerking van de andere instanties die in dit gefederaliseerde land een vinger in de milieupap hebben, de Ozoncampagne bekend maakte. Deze campagne stond op drie poten: het federaal ozonplan, een informatiecampagne (met de brochure “Minder ozon, meer lucht” (pdf-formaat) en een aantal zomermaatregelen. Ook dit jaar zouden deze maatregelen weer worden genomen en kan de weggebruiker zich verwachten aan verscherpte snelheidscontroles in de zomermaanden en blokrijden. Ook het stimuleren van de aanschaf van een wagen op LPG en de gratis controle van de uitlaatgassen gaat door. Ministers Aelvoet en Isabelle Durant werken bovendien aan bijkomende maatregelen, vooral bedoeld om ervoor te zorgen dat auto’s over goed afgestelde motors beschikken. Naar verluid wordt er gedacht aan een halfjaarlijkse verplichte keuring en vliegende controles. Tenslotte wordt ook via de wetgeving op productnormen getracht het ozonprobleem aan te pakken, in het bijzonder voor middelen waarin vluchtige oplossingen worden gebruikt, zoals verf, vernis en inkt.

Maar België alleen kan het tij niet keren, want de voorlopers van ozon kunnen honderden kilometers ver reizen, wat van de ozonproblematiek een grensoverschrijdend probleem maakt. Structurele maatregelen op Europees niveau zijn dus nodig, maar wat dat betreft toont België zich volgens de Bond Beter Leefmilieu een slechte leerling. In de krant De Morgen zegt Bart Martens van de Bond dat België een Europese richtlijn die de uitstoot van ozonvormende gassen wil beperken, onder druk van de industrie tegenwerkt.

(DdV)

Aansluitende artikels:

Weerkaart is niet overal even chaotisch - 26-06-2001

Olijventeelt verwoest Middellands Zee-gebied - 18-06-2001

Ook in de omgeving van Bush wordt het steeds warmer - 07-06-2001

Gat in de ozonlaag blijft groeien - 05-10-2000


 
Related links:

 

Atmosferische scheikunde

Internationale aanpak luchtvervuiling

Federale Diensten voor het Leefmilieu over luchtverontreiniging

LPG-subsidies

 

© David de Vaal