Kan
nieuwe klimaattop Kyoto redden?
Akkoord
is onwaarschijnlijk - 16-07-2001
De
volgende twee weken wordt in Bonn opnieuw gediscussieerd over de opwarming
van de aarde en het Kyoto-protocol, een plan dat in 1997 werd opgesteld
om de uitstoot van broeikasgassen te beperken. Vorig jaar werd op
de klimaattop van Den Haag geen akkoord bereikt, waarvoor vooral de
Verenigde Staten met de vinger werden gewezen. Nog steeds staan de
VS en Europa lijnrecht tegenover elkaar en wordt vooral uitgekeken
naar Japan, dat zich in het midden van het kruisvuur bevindt...
De onverzettelijken
Vanaf vandaag, maandag zijn in het Duitse Bonn vertegenwoordigers
van ongeveer 180 landen bij elkaar in een poging de impasse te doorbreken
waarin de besprekingen over het bestrijden van de opwarming van de
aarde verzeild zijn geraakt. Deze onderhandelingen volgen op de mislukking
waarop de Klimaatconferentie
van Den Haag vorig jaar uitdraaide. Europa struikelde toen vooral
over de Amerikaanse voorstellen om CO2 op te slaan of uitstotingsrechten
te kopen van andere landen, die dan in mindering gebracht kunnen worden
van de totale eigen, nationale uitstoot. Zo nemen bv. bomen CO2 op
en zijn sommigen van mening dat de hoeveelheid bossen dat een land
bezit in rekening moet worden gebracht om te bepalen in welke mate
de CO2-uitstoot verder beperkt moet worden. Het ruilen of kopen van
emissierechten zou kunnen wanneer land A ‘te weinig’ broeikasgassen
uitstoot en haar overschot verkoopt aan land B, zodat de totale emissie
van land A en B onder de limiet blijft.
Europa was, net als het gros van de milieuverenigingen, maar weinig
enthousiast over een dergelijke koehandel, dat het vooral als pogingen
van de Verenigde Staten zag om aan het Kyoto-protocol te voldoen
zonder al te veel inspanningen te moeten leveren. Het Kyoto-protocol
werd in 1997, na meer dan een decennium onderhandelen, goedgekeurd
en voorziet in een aantal maatregelen om de uitstoot van broeikasgassen
– vooral van CO2 – terug te schroeven. Ratificering van het akkoord
liet echter wat langer op zich wachten en het is zeer de vraag of
het maatregelenpakket ooit nog geïmplementeerd zal worden. Vooraleer
het Kyoto-protocol in werking treedt, moeten 55 van de ondertekenaars
tot ratificering overgaan. Bovendien moet de gezamenlijke uitstoot
van de geïndustrialiseerde landen die het akkoord goedkeuren meer
dan 55% van de totale CO2-emissie bedragen. Zonder de steun van de
VS, met 4% van de wereldbevolking goed voor 36% van de totale uitstoot
(1990), een erg moeilijke opdracht. Het valt dus te betwijfelen of
Kyoto ooit meer zal worden dan een mooie intentieverklaring.
In Den Haag had Europa immers nog te maken met een Amerikaanse president
die Kyoto niet bij voorbaat afschoot, terwijl George Bush daar al
snel na zijn aanstelling voor de nodige duidelijkheid zorgde. Aanvankelijk
verstopte hij zich nog achter het excuus dat de opwarming van de aarde
volgens ‘de wetenschap’ niet zeker een gevolg is van menselijk
handelen. Nu met een vergrootglas gezocht moet worden naar een wetenschapper
die nog zou willen verklaren dat de mens helemaal niets te maken heeft
met de stijgende temperaturen, werd dat argument verlaten en richt
Bush’ kabinet haar pijlen op het protocol zelf. Dat wordt ‘fundamenteel
foutief’ genoemd. Er schijnt geen presidentiële haar te zijn die er
nog aan denkt Kyoto toch toe te passen.
Het is overigens opvallend hoe Bush en zijn raadgevers wetenschappelijke
resultaten verwerpen dan wel aannemen naargelang het argument dat
men op tafel wil gooien. De wetenschap die wijst op de desastreuze
gevolgen van de globale opwarming wordt steevast betwijfeld, terwijl
wetenschappelijke studies over opslagmogelijkheden voor CO2 onveranderlijk
op gejuich worden onthaald. Nochtans is de wetenschappelijke consensus
in het eerste geval behoorlijk groot, terwijl er veel meer controverse
is rond de manieren die worden voorgesteld om koolstofputten aan te
leggen. Men is er het over het algemeen over eens dat het nut van
deze putten moeilijk kan worden ingeschat en dat de gevolgen ervan
onmogelijk te voorspellen zijn. Met andere woorden, er zijn net die
bezwaren tegen in te brengen die door de Bush-administratie worden
gebruikt om het wetenschappelijke bewijs over de opwarming van de
aarde in twijfel te trekken.
Weinig
hoop op akkoord
Het debat heeft dan ook nog maar weinig te maken met wetenschap, maar
alles met politieke allianties. Precies daarom ziet Japan zichzelf
plots in het middelpunt van de belangstelling staan. Zonder Japan,
in 1990 verantwoordelijk voor 8,9% van de globale CO2-emissie, lijkt
Kyoto gedoemd. Europa (Oost-Europa en Rusland incluis), dat net niet
de helft van de totale uitstoot voor haar rekening houdt, heeft Japan
nodig om de magische 55% te halen en het protocol in werking te zetten.
Maar ook de VS zien in Japan een belangrijke bondgenoot, want zonder
het land van de rijzende zon maakt Kyoto zo goed als geen kans.
Voorlopig laat de Japanse premier Junichiro
Koizumi niet in zijn kaarten kijken en toont de inhoud van zijn
verklaringen vooral in wiens gezelschap hij zich het laatst bevond.
Na een bezoek aan Camp David had de premier volgens Bush verklaard
dat Japan de lijn van de VS zou volgen, maar later, in het gezelschap
van Tony Blair, beloofde Koizumi er alles aan te doen de VS ertoe
te bewegen Kyoto goed te keuren.
Enkele factoren kunnen deze opstelling verklaren. Eind juli worden
in Japan belangrijke parlementaire verkiezingen gepubliceerd en de
toekomst is daarbij een belangrijk campagnepunt. Bovendien steunt
de Japanse publieke opinie massaal het protocol en kan Koizumi het
niet zomaar naast zich neerleggen. Daarnaast heeft deze premier, overigens
gekozen met een overweldigende meerderheid en nog steeds erg populair,
een ambitieus – en riskant - economisch plan gelanceerd, waarvoor
Amerikaanse steun erg welkom zou zijn. Bush heeft al verklaard de
hervormingen te steunen, wat het uiteraard beter maakt deze bondgenoot
niet al te zeer voor het hoofd te stoten. Tenslotte zijn er ook de
traditionele bondgenootschappen – Japan onderhoudt al vele jaren een
uitstekende relatie met Washington – en de onervarenheid van het land
als belangrijke actor op het internationale toneel.
Toch betekent dat niet dat de positie van Japan bij voorbaat vaststaat:
ook Europa dingt met de nodige steunmaatregelen naar de gunst van
Koizumi. Het lijkt erop dat deze alle mogelijke strooppotten open
wil houden: in zijn laatste verklaringen wordt vrij consequent gemeld
dat Tokio tijdens de huidige top geen definitieve beslissing zal nemen
en zal wachten tot een volgende afspraak - eind oktober in Marokko
– om de knoop door te hakken.
De
verwachtingen
Het lijkt er dan ook niet op dat de deelnemers aan deze klimaatconferentie
tot een akkoord over de implementatie van het Kyoto-protocol zullen
komen. Wat wel binnen de mogelijkheden ligt, is dat er overeenkomsten
zullen worden gesloten die de posities wat dichter bij elkaar brengen.
Dat zou de verschillende partijen toelaten te verklaren dat de top
in Bonn een succes was, zodat het tijdens de volgende bijeenkomst
wat makkelijker wordt om tot een vergelijk te komen. De meeste actoren
hebben al opgeroepen realistisch te blijven en te streven naar het
haalbare, al was het maar om het momentum te behouden. Op deze top
zullen dan ook 4 pijnpunten bijzondere aandacht krijgen. Ten eerste
staat de problematiek van de koolstofputten op de agenda, zonder twijfel
het meest omstreden discussiepunt. Daarna zullen de vertegenwoordigers
zich buigen over de koop en verkoop van emissierechten, financiële
steun aan ontwikkelingslanden, die als eerste het slachtoffer van
een warmere aarde zullen worden en, ten slotte, hoe het protocol afdwingbaar
gemaakt kan worden.
Vooral de houding van Europa speelt daarin een cruciale rol, aangezien
het erg onwaarschijnlijk is dat de VS zullen bijdraaien. Totnogtoe
hebben de Europese leiders zich van hun overzettelijkste kant laten
zien en in de aanloop naar de top van Bonn viel evenmin een teken
van inschikkelijkheid te bespeuren. Integendeel, Blair verklaarde
pas dat Groot-Brittannië de uitstoot van CO2 drastischer zal beperken
dan het protocol vereist én dat hij Bush het vuur aan de schenen zal
leggen als die aanstaande woensdag en donderdag een bezoekje aan Groot-Brittannië
brengt. En ook België heeft, als voorzitter van de Europese Unie,
een teken gegeven door pas nog het protocol te ratificeren. Dat maakt
het natuurlijk steeds moeilijker om aan de Amerikaanse eisen tegemoet
te komen zonder gezichtsverlies te lijden.
Tenslotte is het ook mogelijk dat de VS met een eigen plan naar buiten
komen. Dat werd door Bush al ettelijke keren geopperd, maar voorlopig
komt er nog maar weinig concreets naar buiten. Bovendien lijken de
schaarse mededelingen die verder gaan dan ‘Wij zijn ook bezorgd om
het milieu’ vooral op zoek te gaan naar een technologische mirakeloplossing
die de schadelijke gevolgen van CO2 beperkt – hetzij door de koolstofputten,
door CO2
in zee te storten of door bacteriën genetisch zo te manipuleren
dat zij CO2 verwijderen - zodat er helemaal geen beperking meer nodig
is, een aanpak die waarschijnlijk noch bij milieuverenigingen, noch
bij het grote publiek, noch bij de voorstanders van Kyoto op meer
dan spot zal kunnen rekenen.
David
de Vaal
Aansluitende artikels:
Weerkaart
is niet overal even chaotisch – 26-06-2001
Ook
in de omgeving van Bush wordt het steeds warmer - 07-06-2001
Ontreddering
na mislukken klimaattop - 27-11-2001
Werkt
Fe tegen CO2? – 29-11-2000
Related links:
Unep
IPCC
Hadley
Centre for Climate Prediction and Research
Klimaatconferentie
Den Haag
Junichiro
Koizumi
©
David de Vaal