(Opgelet: deze artikels werden voor 2002 geschreven en zijn dus mogelijk gedateerd)

Optische computer haalt kwantumsnelheden
Kwantummechanische eigenschappen nagebootst - 17-05-2001

Amerikaanse onderzoekers beweren nu een machine te hebben gemaakt die erin slaagt één belangrijke kwantumeigenschap na te bootsen, en daardoor ook bepaalde taken tegen onvoorstelbare snelheden zou kunnen oplossen. De oplossing? De computer werkt met licht, in plaats van met subatomaire deeltjes.

Kwantumrekenen, dat uiteraard door kwantumcomputers zou worden gedaan, is één van die onderzoeksgebieden waar de verwachtingen die door de theorie worden gecreëerd het voorstelbare bijna te boven gaat. Dat heeft niet alleen te maken met de vreemde principes waarop deze technologie moet worden gebaseerd, maar ook met het feit dat toepassingen nog ver in de toekomst liggen.

Dat heeft echter nog nooit iemand verhinderd hardop te dromen van wat allemaal mogelijk zal zijn, en wat kwantumcomputers betreft, lijkt dat heel wat te zijn. De wereld van het allerkleinste is behoorlijk verschillend van diegene die wij ervaren, en al leveren beschrijvingen van het gedrag van de allerkleinste deeltjes vooral hoofdpijn op, er zijn ook voordelen aan verbonden.

Wat kwantumcomputers betreft speelt vooral superpositie een belangrijke rol. Bestaande computers maken gebruik van bits, en die zijn of 1, of 0. Een kwantumbit (qubit) daarentegen kan tegelijk zowel 1 als 0 zijn, omdat subatomaire deeltjes zich volgens de kwantummechanica nu eenmaal in meerdere verschillende toestanden tegelijk kunnen bevinden. De snelheidswinst die dat zou opleveren, is volgens theoretici onvoorstelbaar groot.

Er is echter nog een eigenschap die grote voordelen kan opleveren, wanneer uit uitgebreide gegevensbanken gegevens moeten worden opgehaald: kwantuminterferentie. Dit kenmerk laat toe een heleboel gegevens in één klap te bekijken. Ian Walmsley, als opticus verbonden aan de Universiteit van Rochester en hoofd van het onderzoek, gebruikt een gigantische bibliotheek als voorbeeld. Stel dat in deze gigantische verzameling boeken, één boek moet gevonden worden (en dat er geen enkele vorm van catalogus beschikbaar is). Dan zit er niets anders op dan elk boek één voor één vast te nemen, tot het juiste exemplaar gevonden is. Een proces dat behoorlijk wat tijd zou vragen. Maar een kwantumcomputer zou, dankzij interferentie, erin slagen alle boeken in één klap te analyseren, net alsof er één bibliothecaris per boek zou zijn, die bovendien allemaal tegelijk in de bibliotheek worden losgelaten.

Walmsley bedacht dat interferentie ook een eigenschap van licht is, en besloot te proberen of een nep-kwantumcomputer gemaakt kon worden die gebruik maakt van de idee achter kwantuminterferentie. Het apparaat (foto) dat daaruit voortkomt, gebruikt een akoesto-optische modulator van transparant tellurium dioxide, een kristal. Door deze modulator worden geluidsgolven gejaagd, waardoor de modulator op sommige plaatsen wordt samengedrukt en op andere weer wordt uitgerokken. Zo ontstaat een bepaald patroon dat als een database van informatie beschouwd kan worden.

Om nu in deze gegevensbank opzoekingen te verrichten, wordt er een lichtstraal op de modulator gericht. Die wordt in twee gesplitst, waarna één van de stralen door een prisma wordt gejaagd. Daardoor wordt deze straal opgesplitst in een regenboog van kleuren. Deze verschillende lichtfrequenties gaan door verschillende delen van de modulator, waarbij het licht telkens op een karakteristieke manier gebroken wordt.

Nadat de lichtregenboog door de modulator gaat, worden de verschillende frequenties weer samengebundeld. Tenslotte worden de herenigde straal en de tweede beginstraal bij elkaar gevoegd, wat een interferentiepatroon oplevert. Uit dat patroon komt dan een bepaalde positie te voorschijn, één frequentie die gewijzigd werd tijdens de trip door het kristal. Deze frequentie duidt de plaats aan waar de informatie waar men naar op zoek was, zich bevindt. Dat dat wordt aangetoond met een passage van licht door het kristal, levert heel wat snelheidswinst op. Via de gewone procedure moet de hele database immers stap voor stap doorlopen worden tot men gevonden heeft wat men zoekt. De computer van Walmsley bekijkt in één keer alles, en zegt dan waar men kan vinden wat men zoekt.

Dat maakt van Walmsleys ontwikkeling nog geen kwantumcomputer. En, eerlijk is eerlijk, de meest hippe mogelijkheden, zoals kwantumcryptografie zijn op andere kwantummechanische eigenschappen gebaseerd dan interferentie. Maar Walmsleys uitvinding kan misschien met de term ‘quasi-kwantumcomputer’ bedacht worden, en dat staat ook goed op een CV.

(DdV)

Aansluitende artikels:

Kwantumcryptografie, de onkraakbare beveiliging? - 03-01-2001

De ultieme laptop is een zwart gat - 05-09-2000

Licht bij de lurven gevat - 18-01-2001

 


 
Related links:

 

Veel gestelde vragen over kwantumcomputers

Kwantumrekenen

 

© David de Vaal