(Opgelet: deze artikels werden voor 2002 geschreven en zijn dus mogelijk gedateerd)

100 kaarsjes voor de Space Shuttle
Discovery dan toch succesvol gelanceerd - 12-10-2000

Het heeft wat moeite gekost, maar woensdagavond is het dan toch gelukt de Space Shuttle Discovery te lanceren. Daarmee heeft NASA de kaap van 100 lanceringen succesvol gerond. De bemanning kan nu het Internationaal Ruimtestation in gereedheid brengen voor het eerste langdurige verblijf.

 

Vijfde keer goede keer

Na vier mislukte pogingen werd de Discovery woensdagnacht om kwart na twaalf Belgische tijd dan toch gelanceerd. Eerdere pogingen waren uitgesteld omwille van slecht weer en technische problemen. Eergisteren nog was de vlucht uitgesteld omwille van een 250 gram zwaar pinnetje dat zich niet op de juiste plaats bevond. Maar het schaamrood dat hiermee op de wangen van de verantwoordelijken werd getoverd is al lang verdwenen en vandaag is er weer ruimte voor trots.

Want het gaat niet alleen om de honderste lancering van een Space Shuttle, ook de missie is erg belangrijk. En langverwacht, want oorspronkelijk had deze missie, die een nieuwe fase voor het Internationaal Ruimtestation (IR) inluidt, bijna twee jaar eerder moeten plaatsvinden. De oorzaak van dat uitstel moet deze keer niet bij NASA gezocht worden, maar is te wijten aan de vertraging die de Russische missies opliepen. Met de succesvolle plaatsing van de Zvezda-module einde juli kon ook NASA haar opdrachten vervullen.

De zevenkoppige bemanning is nu op weg naar het IR om er de komende dagen een aantal instrumenten te installeren. Met een robotarm zal de nieuwe apparatuur aan het IR bevestigd worden, waarna 4 ruimtewandelingen nodig zijn om de nodige aansluitingen in orde te brengen.
Een eerste segment is de Z-1 Truss, dat gyroscopen bevat waarmee het IR zijn koers zal kunnen aanpassen. Een tweede onderdeel zal het voor toekomstige shuttle-vluchten mogelijk maken om makkelijk aan te meren.
Op 30 oktober, slechts 8 dagen nadat de Discovery weer naar de aarde is teruggekeerd, zal vanuit Kazachtsan Expedition One met een Soyoez-raket gelanceerd worden. Aan boord daarvan zullen twee Russen en een Amerikaan naar het IR reizen, om pas in Februari 2001 door de Space Shuttle te worden opgepikt en weer naar huis gebracht. Dat zal het eerste langdurige verblijf in het nieuwe ruimtestation zijn.

100 technische mirakels

De Space Shuttle was en is eigenlijk nog steeds het paradepaardje van NASA. Het tuig kon eigenlijk enkel in de Verenigde Staten ontwikkeld worden, nergens anders waren experimentele luchtvaart en ruimtevaart zo nauw met elkaar verbonden. Het Mercury-project, dat in de wandelgangen bekend was als het ‘Man in Space Soonest’-project haalde de technische knowhow uit de desolate woestijn waar pioniers als Chuck Yeager de grenzen van de luchtvaart verkende. Hij was de man die in de X-1 voor het eerst de geluidsbarričre doorbrak.

Het Apollo-project leverde dan weer de nodige kennis op over het gedrag van voertuigen in de ruimte. Maar terwijl de verschillende Apollo-shuttles gewoon op aarde neerstortten, enkel afgeremd door enkele parachutes, werd er al gedroomd over een machine die op eigen kracht gecontroleerd kon landen. Die droom werd overigens ook al door Werner Von Braun gekoesterd, toen die zijn werk aan V-1 en V-2 raketten had geruild voor een supervisie-opdracht over het Amerikaanse rakettenprogramma.

De eerste Shuttle die gebouwd werd, was de Enterprise, naar het Star Trek-schip van Captain Kirk. Anders dan zijn fictieve tegenhanger ging dit vaartuig niet waar ‘no man has boldly gone before’. Het bleef steeds binnen de aardse atmosfeer, want was enkel bedoeld als testvliegtuig. Bevestigd op een Boeing 747 werd het vanop een hoogte van 6 kilometer gedropt. De testen verliepen prima en nadien werden nog vijf volwaardige shuttles gebouwd: Columbia, Challenger, Atlantis, Discovery, en Endeavor, deze laatste als vervanger voor de Challenger. Columbia was de Space Shuttle die als eerste een geslaagde heen-en-terugrit naar de ruimte maakte, dit in 1981.

Elke Shuttle is op zich een wonder van technisch vernuft. Bij de lancering wordt een kracht ontwikkeld die overeenkomt met wat 23 grote stuwdammen maximaal kunnen produceren. Maar vooral de combinatie vliegtuig, ruimteschip, landingstuig is gewaagd. De methode van lanceren heeft echter altijd tegenstanders gekend. Volgens de schrijver Tom Wolfe komt het neer op de ‘menselijke kanonskogel-aanpak’ en daar schuilt een kern van waarheid in. Dat werd pijnlijk duidelijk in 1986 toen de Challenger 73 seconden na de lancering explodeerde. Later bleek de oorzaak een technische fout te zijn, precies in de gecontesteerde stuwraketten. Het Shuttle-programma kreeg toen een klap waarvan het slechts jaren later herstelde. Drie jaar lang werden geen vluchten meer uitgevoerd.

Maar 13 jaar na deze ramp is de geschiedenis al ten dele herschreven en laat het shuttle-programma zich als een succes-story lezen. De Amerikaanse voorliefde voor pioniers laat zich voelen in de eindeloze opsommingen van welke Shuttle voor het eerst een vrouw, een burger, een afro-amerikaan, een jood, een vrouwelijke piloot enzoverder in de ruimte bracht. Voor de nuchtere Europeaan is er het cijfermateriaal om indruk te wekken. In bijna 20 jaar brachten de diverse Space Shuttles 1,36 miljoen kilogram materiaal naar de ruimte, samen met 596 passagiers. De Shuttle-vloot bevond zich opgeteld ongeveer 2 en een half jaar in de ruimte en heeft de Hubble Ruimtelescoop en tal van andere sondes als Galileo en Mars Polar Explorer succesvol gelanceerd. Met 20 jaar staat van dienst, is de Shuttle-vloot erg betrouwbaar gebleken en heeft de vloot het uitzicht van de ruimtevaart voorgoed veranderd. En daar mag men in Cape Canaveral best wel eens een flesje op kraken. (DdV)


 
Related links:

 

De vluchten van de Space Shuttles op een rijtje

Een geschiedenis van de lucht- en ruimtevaart

 

© David de Vaal