(Opgelet: deze artikels werden voor 2002 geschreven en zijn dus mogelijk gedateerd)

Nieuws uit de ruimte
De recentste ontdekkingen - 09-03-2001

Met vandaag: de voorstelling van de eerste volledig Belgische satelliet, de lancering van de Space Shuttle Atlantis en de eerste Ariane 5 raket van dit jaar, NEAR, de manen van Jupiter en de vorming van sterrenclusters en sterrenstelsels.

Bolvormige sterrenclusters

Met de Hubble Ruimtetelescoop (HR) heeft men een poging gedaan de turbulente geschiedenis van de sterrenstelsels M81 en M82 te achterhalen. En dat heeft resultaat opgeleverd, want infrarode en gewone beelden hebben nieuwe inzichten opgeleverd over sterrenhopen die resulteerden uit de botsing, ergens in een ver verleden, van M81 en M82.

Onder leiding van Richard De Grijs van de universiteit van Cambridge ontdekte men in het centrale deel van M82 meer dan 100 jonge, compacte sterrenclusters, die ontstonden toen de sterrenstelsels met elkaar in aanraking kwamen. Vergeleken met andere clusters, kon men een schatting maken van wanneer de kosmische aanvaring plaatshad: ongeveer 600 miljoen jaar geleden.

Dat zorgde voor een ommekeer in wat tot dan het rustige leventje van een doodgewoon spiraalstelsel was en veroorzaakte een intense periode van sterrenvorming. Volgens De Grijs werden daarbij bolvormige sterrenclusters, gecreëerd, die vaak meer dan 1 miljoen sterren kunnen bevatten en waarvan totnogtoe alleen erg oude exemplaren werden aangetroffen. Omdat het in de recente vondst om jonge sterrenhopen gaat, veronderstelt De Grijs dat de vorming van bolvormige sterrenclusters tot op de dag van vandaag doorgaat.

Vorming sterrenstelsels niet willekeurig

Ook al botsen sterrenstelsels wel eens, volgens Raymond Carlberg van de universiteit van Toronto zijn clusters van sterrenstelsels wel stabiel en aan weinig verandering onderhevig, ook al zijn sommige van zijn collega’s een andere mening toegedaan.

Dat komt, aldus de professor, omdat de sterrenstelsels zich niet in het wilde weg vormen. Tijdens de eerste momenten na de Oerknal zouden er golven in de ruimtetijd zijn ontstaan, die, eens groot genoeg, instortten onder hun eigen gewicht. Zo zouden halo’s zijn gevormd die gasdeeltjes naar binnen zogen en samendrukten. Alleen dan in deze omgeving zijn, volgens de professor, sterrenstelsels ontstaan.

De manen van Jupiter

Nieuw fotomateriaal leert dat Io, één van Jupiters grootste manen, vulkanisch zo hyperactief is, dat een groot deel van het oppervlak als lava beschouwd kan worden. Dat maakt het feit dat Io, het geologisch meest actieve lichaam in ons zonnestelsel, zulke hoge en willekeurig verspreide bergen heeft erg interessant. Sommige van deze pieken zijn tot 17.000 meter hoog, meer dan het dubbel van de Mount Everest.

In het tijdschrift Science, doet William McKinnon samen met zijn collega’s een poging dit fenomeen te verklaren. Zij argumenteren dat het een combinatie van twee soorten spanningen, onstaan door samendrukking of temperatuurverschillen, die verantwoordelijk zijn voor de geologische kenmerken. Daardoor wordt de korst van de maan gebroken en wordt een willekeurig patroon van pieken in het oppervlak van Io geduwd, anders dan de bergen op aarde, die in ketens ontstonden.

Ook Ganymedes, die andere Galileïsche Jupitermaan, stond de afgelopen weken in de belangstelling. Door de foto’s van de Voyager-missies met die van de sonde Galileo te vergelijken, denkt William McKinnon van de universiteit van Washington bewijzen te hebben gevonden dat ongeveer een miljoen jaar geleden water aan de oppervlakte van de maan kwam. Ganymedes, de grootste maan in het zonnestelsel, wordt doorsneden door tal van troggen, met op de bodem wat de onderzoekers herkenen als bijna vloeibaar ijs.

Mensen en hun tuigen

Er is dan toch een einde gekomen aan het succesverhaal van de ruimtesonde NEAR-Shoemaker, die de verwachtingen ver overtrof door een niet-geplande maar succesvolle landing op de asteroïde Eros te maken. Daar aangekomen, bleek het tuig nog steeds te werken en bleef het gegevens naar de aarde zenden. Maar nu heeft men het contact met deze aardse afgezant verbroken. Omdat de sonde werd aangedreven met zonne-energie, werden de signalen steeds zwakker nu de landingsplaats zich langzaam van de zon afkeert. De volgende twee jaar zal NEAR verlamd in het duister blijven liggen. Daarna kan men eventueel proberen het contact te herstellen, maar het valt te betwijfelen of de instrumenten de temperaturen waaraan het zal worden blootgesteld, dicht tegen het absolute nulpunt, zal overleven.

En sinds kort heeft ook België zijn eigen sonde. Proba heet het tuig, en het werd pas voorgesteld als de eerste volledig Belgische satelliet. Als de satelliet gelanceerd wordt door het ESA zal het worden ingezet voor wetenschappelijk onderzoek inzake aardobservatie, stralingsonderzoek en debris monitoring. De Proba-missie kadert in het Europese equivalent van de ‘sneller, beter en goedkoper’-filosofie van NASA. Daarom werd de satelliet ook gebouwd met het oog op een verregaande autonomie, zodat geen ingewikkeld grondstation moet worden opgezet. De lancering wordt voozien voor de tweede helft van 2001.

Tenslotte viel het op dat deze week weer enthousiast werd gelanceerd. Donderdag werd de Space Shuttle Discovery de lucht in geschoten, met aan boord de nieuwe bemanning voor het Internationaal Ruimtestation (IR). Zij zullen ‘Expedition One’, die 4 maanden aan boord van het IR bleef en er ondermeer de komst van het ruimtelaboratorium Destiny voorbereidden en begeleidden, aflossen.

En vrijdagochtend werd vanop de basis van Frans-Guyana met succes een Ariane 5 gelanceerd, met aan boord twee satellieten, Eurobird en BSAT-2a. Die verlieten ondertussen al de raket en zouden nu in een voorlopige geostationaire baan boven de evenaar worden gebracht.

(DdV)


 
Related links:

 

Hubble Ruimtetelescoop

Io

Ganymedes

Voyager-missies

Ariane 5

 

© David de Vaal