De
vernietiging van Mir
Hoe
het zou moeten gaan... - 22-03-2001
Het
‘point of no return’ werd woensdag al gepasseerd, zodat niets het
ruimtestation Mir nog kan redden. In de nacht van donderdag op vrijdag
zullen de raketmotoren van de aangekoppelde Progress het station richting
Stille Oceaan sturen.
De
vernietiging van Mir is uitgegroeid tot een media-evenement, en terwijl
de Mir-watchers naar de Stille Oceaan afzakken, houden anderen ongetwijfeld
de adem in. Voorlopig is er echter nog geen enkele reden tot bezorgdheid,
want alles verloopt nog steeds als gepland. Maar er blijven natuurlijk
wel nog heel wat onzekerheden over en het voorwaardelijke ‘als alles
goed gaat’ klinkt als een mantra in elk persbericht.
Maar er is geen ander land dat zoveel ervaring heeft met het vernietigen
van ruimtetuigen als Rusland, dat ook de Saljoet-ruimtestations
in zee stortte. Dat ging niet altijd van een leien dakje - brokstukken
van Saljoet 7 kwamen zonder erg in Zuid-Amerika terecht - maar er
is toch een zekere expertise opgebouwd met dit soort operaties en
vaak ging het ook wel goed.
De voorbereiding voor de vernietiging is al enige tijd aan de gang,
al vroeg dat in de aanvangsfase niet al te veel inspanning van het
vluchtcentrum. Het ruimtestation draait nu zijn laatste rondjes om
de aarde, tegen een snelheid van 28.000 km/u, maar door de weerstand
van de ijle lucht verloor Mir de afgelopen
maanden steeds meer hoogte. Vroeger werd Mir steeds opnieuw in
een hogere baan gebracht als het station te dicht bij de aarde kwam,
maar nu liet men het rustig zakken. Op woensdag werd de kritieke hoogte
van 220 km bereikt, waarna de vluchtleiding in actie schoot.
Om brandstof en stroom te sparen waren zoveel mogelijk systemen uitgeschakeld,
zodat Mir licht rond zijn as tollend door de ijle atmosfeer naar beneden
werd getrokken. Donderdagochtend werd de boordcomputer opnieuw opgestart,
zodat men Mir opnieuw onder controle heeft. Daarmee is al een eerste
kritiek moment goed afgelopen, want na de recente
problemen maakt men zich zorgen over de integriteit van het communicatiesysteem.
Toen de controle hersteld was, werd de oriëntatie van Mir gewijzigd,
zodat de zonnepanelen naar de zon werden gericht. In de mate van het
mogelijke worden de versleten batterijen van Mir nu opgeladen. Daarnaast
werd ook de Progress-raket gepositioneerd, tegen de bewegingsrichting
van het ruimtestation in. De raket zal in werking gesteld worden om
Mir af te remmen, zodat het op het gewenste ogenblik de atmosfeer
induikt. Dat zou zonder de raketstoten ook wel gebeuren, zij het pas
binnen enkele weken en zonder dat dan te voorspellen valt waar Mir
zal neerkomen.
Een eerste impuls zal in de nacht van donderdag op vrijdag rond 1.30
worden gegeven en anderhalf uur later volgt een tweede stoot. Daarmee
zou het tuig in een ellipsvormige baan moeten worden gebracht, waarvan
het laagste punt op een hoogte van 158 km is gesitueerd. Om ongeveer
6 uur Belgische tijd zal dan een laatste raketstoot van 800 seconden
het lot van Mir bezegelen. Het ruimtestation zal erdoor in de atmosfeer
worden geduwd.
Wat daarop volgt, zou een mooi schouwspel moeten opleveren. Mir zal
deels verbranden, waardoor het zal lijken alsof een meteoor op aarde
neerstort. Als de hoogte onder de 100km zakt, zal Mir uit elkaar vallen,
en zullen enkele modules wellicht exploderen. Daarna vallen de brokstukken
in de Stille Oceaan en is Mir enkel nog een hoofdstukje in de geschiedenis
van de ruimtevaart. Hier
kan u zien welk traject Mir daarbij zou moeten volgen. De brokstukken
zullen terechtkomen in een gebied dat naar schatting 200km breed en
3 à 4000 km lang is.
Met Mir wordt de grootste en zwaarste contructie ooit vanuit de ruimte
in zee gedumpt en de afloop van deze onderneming is dan ook lang niet
zeker. Daarvoor zijn er te veel onzekerheden in het spel, waaronder
enkele factoren waar ook in de beste omstandigheden niemand vat op
heeft. Zo is het erg moeilijk in te schatten hoe het onregelmatige
bouwsel zich aerodynamisch zal gedragen. Daarnaast heeft de zonneactiviteit
een belangrijke invloed op de atmosfeer, die kan uitzetten of inkrimpen,
wat de planning zou kunnen beïnvloeden.
Uiteraard bestaat de vrees dat enkele instrumenten het op het laatste
nippertje zouden laten afweten. Als de Progress-raket dienst weigert,
zal Mir ongecontroleerd en enkele dagen later neerkomen. Daarnaast
kan het radiocontact, dat nu lijkt te functioneren, het nog steeds
laten afweten. En dan is er nog de standregeling van het ruimtestation,
dat ervoor moet zorgen dat de Progress-raket goed gepositioneerd blijft.
Als het toch fout loopt, dan kan Mir zowat overal tussen 52° noorderbreedte
en 52° zuiderbreedte terechtkomen, een zone waarin zich ook België
bevindt. Maar totnogtoe loopt alles uitermate vlot. Toch even hout
vasthouden.
(DdV)
Aansluitende artikels:
Verwarrende
tijden voor de senior onder de ruimtetuigen - 04-10-2000
Spannende
kerst voor Mir - 27-12-2000
Is
Mir een Biobom? - 07-03-2001
De
wereld komt naar beneden - 21-03-2001
Related links:
Live
verslaggeving van de vernietiging van Mir
©
David de Vaal