(Opgelet: deze artikels werden voor 2002 geschreven en zijn dus mogelijk gedateerd)

Hubble-telescoop bepaalt uitdijingssnelheid heelal
En ander nieuws uit de ruimte - 11-06-2001

Dankzij de Hubble Ruimtetelescoop zijn astronomen er naar eigen zeggen in geslaagd een definitief antwoord te vinden op een vraag die wetenschappers al decennialang bezighoudt: hoe snel dijt het heelal uit? Daarnaast ook nog de eerste ster met een asteroïdengordel, de mislukking van een test met een supersonische jet en waarom vrouwen niet naar Mars mogen...

 

Vraag: wat is de snelheid waarmee het heelal zich uitbreidt? Antwoord: 72

Toen de Hubble Ruimtetelescoop (HR) meer dan een decennium geleden werd gelanceerd kreeg het tuig drie hoofdopdrachten mee: zo ver mogelijk de ruimte inkijken, het licht van pulsars analyseren en een einde maken aan het gespeculeer over hoe snel het heelal uitdijt. Edwin Hubble ontdekte al in 1929 dat het heelal steeds groter wordt, en deed zelf een aantal pogingen om de snelheid van de uitdijing van het heelal te bepalen. Hij kwam echter op een waarde uit die minstens 5 keer hoger lag dan hedendaagse schattingen. Ter ere van het baanbrekende werk van Hubble werd de maat voor de uitdijingssnelheid naar hem vernoemd en sindsdien hebben uiteenlopende schattingen (met als uitersten ongeveer 40 en 90) van de Hubble-constante al menig astronomisch feestje in de war geschopt. De Hubble-constante is dan ook één van de belangrijkste variabelen om de leeftijd, grootte en toekomst van het heelal te bepalen. Niet verwonderlijk dat er nogal wat aandacht aan de diverse schattingen van de constante wordt geschonken.

In een samenvattend rapport dat pas in het Astrophysical Journal werd gepubliceerd, probeert een team astronomen de zaak voor eens en altijd te beslechten. Omdat de HR niet gehinderd wordt door de aardse atmosfeer en dag en nacht gebruikt kan worden, bestaat nog steeds geen beter instrument om de afstand tot ver verwijderde hemelobjecten te bepalen. Op basis van een groot aantal metingen, waarbij gebruik gemaakt werd van verschillende methodes, komt het wetenschappelijke team tot de conclusie dat de Hubble-constante ongeveer 72 moet zijn. Een mooi compromis dus, waar zowel diegenen die het op een hoge waarde hielden als zij die een kleine waarde verwachtten steun voor hun theorieën in kunnen vinden.

Een Hubble-constante van 72 levert overigens een opvallend vlak heelal op, waarin te weinig materie voorkomt om de uitdijing ooit tot staan te brengen. Al is dat laatste nog onzeker, tenminste tot men weet wat er nu precies met de mysterieuze donkere energie aan de hand is, die een antigravitatiekracht zou zijn. Bovendien zijn in de astronomie al wel vaker ‘definitieve’ cijfers gepubliceerd, en valt dus af te wachten hoe lang ‘voor eens en altijd’ deze keer zal duren.

Sterrenstelsel zonder bult

Spiraalstelsels, zo zegt de theorie, zijn sterrenstelsels die ontstaan uit een enorme bolvormige gas- en stofwolk, waarvan de randen later platter worden en de typische spiraalarmen zullen vormen. Het centrum van spiraalvormige sterrenstelsel blijft echter een bolvormig verzameling van de oudste sterren, die gelijk met het sterrenstelsel zelf werden gevormd. Maar wat de theorie zegt, stemt niet altijd overeen met de werkelijkheid, zo stelden Andrew Stephens en Jay Frogel van de Ohio State University vast. Met de Gemini North telescope op Mauna Kea namen zij foto’s van spiraalsterrenstelsel M33, maar zij konden geen bult ontdekken. Het lijkt erop dat het hele stelsel is afgevlakt en bovendien vonden zij in het centrum tal van sterren terug van middelbare of zelfs erg jonge leeftijd.
De vinding roept heel wat vragen op omtrent de geldigheid van de bestaande theorieën over de vorming van sterrenstelsels. Ook de vorming van jonge sterren in het galactische centrum is een raadsel.

Ster met asteroïdengordel

Een Hawaïaanse buur van de Gemini telescoop, het Keck Observatorium, tekende pas voor een primeur door een asteroïdengordel te ontdekken rond een ster die zich op een afstand van 70 lichtjaar van de aarde bevindt. Er werden al eerder sterren gevonden waarrond stof en puin cirkelt, maar deze gordels bevonden zich zelden dichter tegen de moederster dan de afstand van de Kuipergordel - een verzameling van asteroïden voorbij Pluto - tot de zon.
De verzameling ruimtepuin die rond de ster Zeta Laporis - die op een jonge zon lijkt - cirkelt doet echter denken aan de asteroïdengordel die in ons eigen zonnestelsel tussen Mars en Jupiter staat, al zou ze ongeveer 200 keer zoveel massa bevatten. Het merendeel daarvan bestaat uit stofdeeltjes, maar de extrasolaire gordel zou mogelijk ook asteroïden of embryonale planeten bevatten. Men hoopt dan ook een heropvoering van de vorming van ons planetenstelsel te kunnen observeren rond Zeta Laporis. Totnogtoe werden nog geen asteroïden of planeten rond de ster gevonden, maar hoop doet leven, zo meldt men uit Hawaï.

Heelal bevat wellicht weinig planeten

Al deden astronomen van de universiteit van Colorado-Boulder wel hun best om die hoop de kop in te drukken. Op basis van een analyse van de Orionnevel zijn zij tot de conclusie gekomen dat slechts een fragment van de zich vormende planetenstelsels opgewassen is tegen de komische krachten waarmee zij bestookt worden. In de Orionnevel blijken supermassieve sterren zoveel straling uit te zenden, dat de protoplanetaire schijven verschroeid worden. De vorsers schatten dat slechts 10% van de kleinere sterren die in aanmerking komen om een planetenstelsel te vormen, voldoende ver van hun reusachtige soortgenoten staat om dit kosmische bombardement te overleven.
Dat betekent echter niet dat deze sterren van ander gevaar gevrijwaard blijven. Heel wat sterren maken immers deel uit van dubbele of meervoudige systemen, wat vaak bizarre banen oplevert. Het gravitationele geweld tussen deze giganten rukt de protoplanetaire schijf uit elkaar, of een zwaardere ster slokt alle waterstof en helium op, waardoor geen gasvormige planeten kunnen worden gevormd. Het voorkomen van gasreuzen is dan weer een noodzakelijke voorwaarde voor de vorming en bescherming van aarde-achtige planeten.

Volgens de onderzoekers heeft slechts zo’n 6% van de sterren de mogelijkheid om rond zich planeten te vormen.

Sonische jet knalt, maar niet door de geluidsmuur

Dichter bij de aarde, is een testvlucht van NASA faliekant afgelopen. De test maakte deel uit van NASA’s supersonische jet-programma, waarin met nieuwe aandrijvingsmethodes wordt geëxperimenteerd. Met de X-43A wilde NASA tijdens de test het snelheidsrecord van de raketaangedreven X-15 breken, die in 1967 6,7 Mach haalde. De ‘scramjet’-aandrijving van de X-43A zuigt zuurstof aan uit de atmosfeer, wat dan gebruikt wordt om kleine hoeveelheden waterstof te verbranden. Zo moeten geen zware zuurstoftanks meer worden meegezeuld. In de test zou het experimentele vliegtuig tot 7 Mach worden versneld, maar dat liep dus anders.
De X-43A kreeg een lift van een Pegasusraket, die het tuig tot op een hoogte van 7,2 kilometer had moeten brengen. Maar al enkele seconden na de lancering bleek de raket af te wijken van het geplande traject. Er zat voor de vluchtleiding niets anders op dan de raket te vernietigen, samen met de kostbare lading. Het project, met een budget van 185 miljoen dollar, gaat wel door en voor de volgende 18 maanden zijn nog 3 testvluchten gepland.

NASA sloeg er wel in verder gezichtverlies te voorkomen, want de eerste ruimtewandeling vanuit het internationaal ruimtestation (IR) werd succesvol afgerond. Eerder werden wel ruimtewandelingen uitgevoerd om aan het ruimtestation te werken, maar die startten telkens vanuit een aangemeerde Space Shuttle. Al was het deze keer geen EVA - Extra Vehicular Activity - in de zuivere betekenis van het woord, want strikt genomen verlieten de betrokken kosmo- en astronaut het IR niet. Maar aangezien de ruimte waar zij hun werk moesten verrichten - ze bereidden de komst van een nieuwe aanmeerhaven voor - niet meer onder druk stond, kon een nieuwe ‘eerste keer’ in de annalen worden bijgeschreven. Bovendien lijkt ook de bijna 1 miljard dollar dure robotarm zijn kinderziektes te overwinnen. Er waren wat problemen gerezen met het belangrijke instrument, maar zonder dat iemand weet wat de reden was, besloot het tuig plots weer foutloos te functioneren. Men zoekt nog steeds naar de oorzaken van de malfuncties, en bidt ondertussen dat niets meer mis zal gaan met de in Canada vervaardigde robotarm.

De kleuren van Saturnus’ ringen

Nieuwe beelden die door de Hubble Ruimtetelescoop van de ringen van Saturnus werden gemaakt, vertonen mysterieuze kleurschakeringen, die mogelijk een aanduiding geven van wat de ringen nu eigenlijk zijn. Tot nu werd gedacht dat het om puin ging van een oude Saturnus-maan, of dat het materiaal zich nooit tot een maan had gevormd.
De ringen van Saturnus blijken niet wit te zijn, maar vertonen een zacht zalmkleurig tintje. Dat wijst erop dat zich organische moleculen in de overwegend uit ijs opgetrokken ringen bevinden, zegt Jeff Cuzzi van NASA. Saturnus heeft een zevental ijsmanen, maar geen van hen vertoont de vreemde zalmkleur. Die kleur wordt wel waargenomen bij ijzige objecten in de rand van ons zonnestelsel. Daarom denken de onderzoekers dat de ringen van Saturnus wel eens de restanten zouden kunnen zijn van een object dat afkomstig is uit de verst verwijderde delen van het zonnestelsel. Het object zou dan door de zwaartekracht van de reuzenplaneet uit elkaar zijn gerukt en werden de overblijfselen in een baan rond de planeet gevangen.

Naar Pluto ‘and beyond’?

Of er dan toch een missie naar Pluto en de Kuipergordel zal worden georganiseerd is nog steeds onzeker, maar NASA heeft in elk geval al twee projecten geselecteerd in geval het voornemen toch zou doorgaan. Er bestaat heel wat wetenschappelijke belangstelling voor een missie naar de rand van het zonnestelsel, maar om budgettaire redenen houdt NASA de boot voorlopig af. Beide geselecteerde voorstellen krijgen nu drie maanden de tijd om het concept verder te verfijnen, waarna een definitieve beslissing zal worden genomen.

Geen vrouwen naar Mars

Volgens een Russische ruimtevaartkundige zullen de eerste stappen op Mars niet door vrouwen worden gezet, vanwege een verhoogd gevaar op conflicten. Rusland is naar eigen zeggen druk in de weer een bemande Marsvlucht voor te bereiden. Dat zou, alweer naar eigen zeggen, moeten lukken tegen 2015-2020, al vallen er nog wel heel wat problemen uit de weg te ruimen. Hoe onderweg voedsel gekweekt kan worden bv., of hoe de passagiers de kosmische straling zullen overleven. Rusland is van plan 4 à 5 mensen naar Mars te sturen, maar omdat de kosmonauten erg lang van huis zullen zijn en in een kleine ruimte zullen moeten samenleven, zullen daar geen vrouwen bij zijn. Een gemengde ploeg zou alleen maar voor ruzie zorgen, zo klinkt het op het Russische ruimtebureau. Aan een all-female team wordt blijkbaar evenmin gedacht, wellicht omdat spanningen dan helemaal niet zijn uit te sluiten.
Het lijkt echter wat voorbarig hiertegen feministisch protest te organiseren. Het Russische ruimteprogramma is veel van haar pluimen verloren, en het budget is drastisch ingekrompen. Dat mag het enthousiasme van de betrokkenen misschien niet tempereren, het zet wel een stevige rem op de ontwikkeling van nieuwe projecten.

(DdV)

Aansluitende artikels:

Deep Impact is go - 30-05-2001

Ster laat zonnestelsel-groot boertje - 18-05-2001

Ster verslindt planeet - 16-05-2001

 


 
Related links:

 

Hubble-constante

Supersonische jets bij NASA

Saturnus

Voorstelling van de Hubble Ruimtelescoop

Keck Observatorium

Gemini North telescope

Het internationaal ruimtestation

 

© David de Vaal