(Opgelet: deze artikels werden voor 2002 geschreven en zijn dus mogelijk gedateerd)

Super Audio CD en DVD-Audio: een nieuwe formatenoorlog?
Wat worden de CD's van de 21ste eeuw? - 16-10-2000

Toen de CD werd geïntroduceerd had iedereen de mond vol over de 'perfecte' geluidskwaliteit van het blinkende schijfje. Nu nieuwe formaten als SACD en DVD-A er zitten aan te komen, lijkt dat niet meer te kloppen. Echt goede geluidskwaliteit zou nu pas beschikbaar worden.

 

De standaard-CD heeft afgedaan. Of dat is toch wat de fabrikanten van nieuwe audio-toestellen willen doen geloven. De reden daarvoor is dat de CD gebruik maakt van technieken die niet toestaan geluid op een hoogwaardige manier om te zetten in de eentjes en nulletjes die door een CD-speler opnieuw in geluid worden omgezet. Twee alternatieven kondigen zich aan: Super Audio CD (SACD) en DVD-Audio (DVD-A). Staat er een nieuwe audio-revolutie op stapel?

Super Audio CD en DVD-Audio

Als geluid wordt gedigitaliseerd gebeuren in essentie drie dingen: er worden een aantal metingen van de geluidsgolf genomen, die worden omgezet in binaire getallen (de eentjes en nulletjes), waarna die als een computer-file worden weggeschreven. De CD-speler geeft op basis van de binaire gegevens een benadering van de originele geluidsgolf weer.

De kwaliteit hangt dan af van twee elementen: de sample-frequentie en de woordlengte (bitrate). De samplefrequentie is het aantal metingen dat wordt genomen en de woordlengte is het aantal cijfers in een binair getal. In beide gevallen telt dat een hogere waarde betere kwaliteit oplevert.

Standaard CD’s worden nu opgenomen met een sample-frequentie van 44,1 Khz, waarbij een geluidsgolf 44.100 keer gemeten wordt per seconde. De woordlengte is 16 bit, wat betekent dat de binaire getallen uit 16 cijfers bestaan. SACD belooft dit helemaal om te gooien met een sample-frequentie van 2,82Mhz, oftewel 2.822.400 metingen per seconde.

Sony en Philips ontwikkelden het SACD-formaat. De aanleiding daartoe was van praktische aard: Sony wou een groot aantal analoge opnames digitaliseren, maar deze opnames bevatten fragmenten die een frequentie hadden van meer dan 50Khz. Met gewone CD’s ligt de limiet echter op 22,05Khz en deze technologie volstond dus niet. Sony ontwikkelde daarom de Direct Stream Digital (DSD) encoding-technologie. De woordlengte is hier slecht 1, maar door de verschrikkelijk hoge sample-frequentie zou de kwaliteit toch nog vele malen hoger zijn dan bij de voorbijgestreefde pulse-code modificatie die voor standaard-CD’s wordt gebruikt.

De technologie waar de audio DVD (DVD-A) zich van zal bedienen heeft een veel lagere sample-frequentie: 96Khz, 96.000 metingen per seconde. Dat is nog steeds aanzienlijk beter dat bij de gewone audio-CD en ook de woordlengte ligt hoger (24 bit tegenover 16 bit). Ook hier zal de kwaliteit dus aanzienlijk beter zijn. Het gaat overigens niet om de audio die nu reeds op film-DVD’s wordt aangetroffen, die op een andere manier wordt gecodeerd.

Opnieuw een nieuwe collectie opbouwen?

Met de komst van de CD-speler zagen veel muziekliefhebbers zich genoodzaakt een nieuwe collectie op te bouwen. Dankzij de compatibiliteit van de nieuwe formaten zal dat deze keer niet nodig zijn: hoe deze markt ook zal evolueren, het ziet er naar uit dat de normale CD ook op nieuwe toestellen gespeeld zal kunnen worden. Meer zelfs, aangezien de producenten hybride CD’s in het vooruitzicht stellen, CD’s waarop de informatie op meer dan een manier werd weggeschreven, kunnen toekomstige SACD’s en DVD-A’s mogelijk ook op ouderwetse CD-spelers worden afgespeeld. Hoewel het natuurlijk valt af te wachten of dat ook werkelijk zal gebeuren: geen betere motivatie om nieuwe toestellen aan te schaffen dan software die op oudere apparaten niet meer te beluisteren valt.

Blijft de vraag welk van de twee formaten zich als de nieuwe standaard opwerpt. De producenten zelf gaan deze vraag graag uit de weg. Vragen naar de kwalitatieve superioriteit van een van de twee systemen worden afgedaan met een wat makkelijk ‘ieder systeem heeft zijn verdiensten’. Terwijl SACD zich voornamelijk heeft toegelegd op het verbeteren van de audio-kwaliteit, heeft DVD-A niet alleen de kwaliteit verbeterd, maar zich ook op de ontwikkeling van allerlei extra’s als beeldfragmenten, teksten, foto’s enzoverder gestort. Sony en Philips maken zich sterk dat dit ook voor de SACD geen probleem zal zijn, maar lijken met de ontwikkeling van dit toegevoegde lekkers niet erg ver te staan. En dan is er nog het prijskaartje. Voorlopig zijn nog geen SACD-spelers beschikbaar die minder dan 1000$ of ongeveer 46.000 bef. DVD-A-spelers zijn nu al merkelijk goedkoper. Voorlopig lijkt de SACD dus met een behoorlijk nadeel de strijd aan te vatten. Maar wat het financiële aspect betreft, is het wellicht uitkijken naar de komst van universele spelers, die elk beschikbaar formaat kunnen afspelen. En dan hangt het van de producenten af. Willen die de aanzienlijke investeringen maken om SACD’s te produceren? DVD’s hebben hun waarde op de markt al bewezen en de komst van de DVD’s wordt in de diverse marketing-departementen al voorbereid, inclusief een pittige catalogus van te verwachten releases. Ook hier kampt de SACD met een achterstand. Totnogtoe zijn er slecht 260 titels beschikbaar, voor het overgrote deel audiofiele opnames die niet onmiddellijk bestemd zijn voor het grote publiek.

Een, nochtans niet onbelangrijke factor, wordt in de discussie tussen voor en tegenstanders van beide formaten wel eens uit het oog verloren: de consument. Het blijft de vraag in welke mate die warmloopt voor de nieuwe formaten, waaraan nog steeds een meer dan stevig prijskaartje verbonden is. De grote massa lijkt perfect tevreden te zijn met de kwaliteit van de standaard-CD. De muziekproducenten lamenteren dan wel dat de ware audiofiel een uitstervend ras is en dat de consument geleerd moet worden om de hoge kwaliteit van de nieuwe formaten te appreciëren, dan nog moet diezelfde consument daar voor open staan.

Het valt dus af te wachten hoe de markt, zowel aan consumenten- als producentenzijde, zal evolueren. Het lijkt te verwachten dat de doorsnee-consument eerder zal vallen voor de ‘techno-tainment’ extra’s op de DVD-schijfjes. Maar dat betekent, in het licht van de ontwikkeling van universele spelers, niet noodzakelijk het einde van SACD. Beide formaten kunnen naast elkaar bestaan. Maar dan mag deze nieuwe evolutie niet ontaarden in een nieuwe ‘formatenoorlog’. Kijken dus of Sony en Philips van hun video-verleden geleerd hebben. (DdV)


 
Related links:

 

SACD bij Sony

SACD bij Philips

DVD-Audio

 

© David de Vaal