(Opgelet: deze artikels werden voor 2002 geschreven en zijn dus mogelijk gedateerd)

Open source en vrije software meeting in Brussel
OSDEM zet vrijheid in de kijker - 22-01-2001

Zaterdag 3 en zondag 4 februari vindt in Brussel OSDEM plaats, de Open Source and Free Software Developers' European Meeting. Maar wat is 'vrije software' precies en wat bezielt iemand om enkele jaren werk zomaar op het internet te gooien?

Vrijheid, blijheid

Het is dan ook een vreemde filosofie voor al wie is opgegroeid in het Microsoft-tijdperk, waar bij elke installatie een half wetboek aan restricties en bepalingen zou moeten worden doorgenomen. Vrije software vaart bewust tegen deze stroom in door de broncode van de programma?s vrij te geven. Met die code kan iedereen die zich daartoe geroepen voelt het programma aanpassen en/of verder verspreiden.

Alhoewel vrije software pas de laatste jaren met enige regelmaat in de media opduikt, vindt deze filosofie zijn wortels in het einde van de jaren ?60. Toen werd Unix ontwikkeld, een besturingssysteem dat op de meest diverse platformen moest draaien, en in staat moest zijn meerdere gebruikers verschillende taken op hetzelfde moment te laten uitvoeren. De broncode werd vrijwel meteen beschikbaar gesteld voor iedereen die daarin geïnteresseerd was, niet in het minst omdat de massacomputerindustrie op dat moment nog in haar kinderschoenen stond en de economische belangen nog relatief klein waren.

Dat Unix in de schoot van universiteiten en onderzoeksinstellingen werd ontwikkeld, heeft ongetwijfeld ook bijgedragen tot het anarchistische en humoristische sfeertje dat nog steeds rond deze software hangt. Daar kon en kan Bill Gates niet tegenop, ook al heeft het er een tijdlang slecht uitgezien voor vrije software. In de jaren ?80, toen computers big business werden, werd immers ook Unix gecommercialiseerd en werden broncodes angstvallig geheim gehouden. Commerciële Unix-systemen schoten als paddestoelen uit de grond en hadden vooral één ding gemeen: een torenhoge prijs, meteen ook de oorzaak dat Unix nooit is doorgedrongen in de kringen van de thuisgebruiker.

De kinderschoenen ontgroeid

In 1984, toen Microsoft de nog prille markt van de huiscomputer druk aan het monopoliseren was, had Richard Stallman genoeg van het winstbejag dat de softwareindustrie had doordrongen en richtte hij ?The Free Software Foundation? op. Zijn initiatief werd op hoongelach onthaald, maar al snel werd duidelijk dat dit soort applicaties door systeemoperatoren in de armen werden gesloten omdat ze gewoon beter waren dan de commerciële alternatieven. Het heeft immers zo zijn voordelen dat iedereen die dat wil wijzigingen in een programma kan aanbrengen. Dat is meteen ook een belangrijk argument om software vrij te houden. Vele handen maken niet alleen licht, maar ook beter werk. Dat betekent overigens niet dat alleen instrumentele overwegingen aan de basis van de free source-filosofie liggen. De vrije software gemeenschap heeft ook idealistischer motieven en klaagt de torenhoge winsten en soms exorbitante prijzen van de commerciële software-sector aan.

Een ander grote doorbraak had in 1991 plaats, toen Linus Torvald besloot een PC-versie van Unix te ontwikkelen en met de hulp van talloze internet-contacten daar ook in slaagde. Linux werd geboren en de aanhang van en aandacht voor vrije software nam vanaf dat moment sterk toe. Bewijs daarvan mag wel zijn dat de grote spelers op de computermarkt nu ook schoorvoetend in Linux-projecten stappen. Koudwatervrees is er nog wel, maar dat heeft bv. IBM er niet van weerhouden ongeveer 1 miljard in Linux en Linux-gerelateerde toepassingen te investeren.

Inmiddels is ook de open source-wereld volwassen geworden en werden een aantal basisregels opgesteld om de filosofie van gemeenschappelijke softwareontwikkeling te vrijwaren van de vraatzuchtige tendensen in het commerciële software-circuit. Deze laten zich lezen als de grondwet van de vrije software, die vooral niet als gratis software beschouwd moet worden, maar wel ?vrijheid? hoog in het vaandel voert. De belangrijkste voorschriften laten zich als volgt samenvatten:

  • De licentie mag niemand verhinderen de software gratis weg te geven of te verkopen. Er mag geen vergoeding geëist worden als iemand de software verkoopt.
  • De broncode moet met het product meegeleverd worden. Als dat niet het geval is, moet de code kosteloos te downloaden zijn via het internet.
  • Het moet toegestaan zijn het originele programma te wijzigen of zelfs als basis voor een afgeleid programma te gebruiken. De verspreiding van deze aangepaste of afgeleide versies, is aan dezelfde voorwaarden als het originele werk onderworpen.
  • Wel kan de originele auteur eisen dat wijzigingen in de vorm van ?patches? worden meegegeven met het originele stuk broncode, zodat gebruikers kunnen zien wie welke veranderingen waar heeft aangebracht.
  • Er mogen geen personen, groepen of toepassingsgebieden worden uitgesloten van het gebruik of verspreiding van de vrije sofware.

The Open Source and Free Software Developers' Meeting

Op zaterdag 3 en zondag 4 februari staat vrije software centraal op de The Open Source and Free Software Developers' Meeting die in Brussel wordt georganiseerd. De organisatoren zijn erin geslaagd om het kruim van de developers-wereld naar België te halen met (voor insiders) ronkende namen als Steven Stallman, Fyodor, Jeremy Allison, Rasterman en Rasmus Lerdorf en op het menu staan onderwerpen als Mozilla, multimediatoepassingen, desktop environments, netwerkoplossingen en -beveiliging, The Hurd en internationalisering. Deelnemen is gratis, maar wie aanwezig wil zijn wordt wel gevraagd zich daarvoor te laten registreren. In alle vrijheid, uiteraard.

(DdV)


 
Related links:

 

De Nederlandstalige Open Source informatiepagina?s

De Free Software Foundation

Slashdot: nieuws voor nerds

 

© David de Vaal