(Opgelet: deze artikels werden voor 2002 geschreven en zijn dus mogelijk gedateerd)

Synthetisch leven en natuurlijk plastic in aantocht
Dankzij kennis genetica wordt science-fiction werkelijkheid - 21-02-2001

Binnen 5 jaar is het mogelijk een synthetisch virus te ontwikkelen, zeggen wetenschappers op het Amerikaanse AAAS-congres. En samenwerking tussen de Purdue Universiteit en de industriële reus DuPont zou kunnen leiden naar plastic-producerende planten. Naarmate de kennis van de genetica toeneemt, wordt het steeds onduidelijker wat natuurlijk is en wat niet.

 

Synthetisch leven in de maak

Wie het over artificieel leven heeft, doelt doorgaans op de mogelijkheid biologische processen te simuleren op computersystemen, zodat deze makkelijk onderzocht kunnen worden. Maar sinds de kennis van de genetica met sprongen is vooruitgegaan, hoeven wetenschappers zich niet langer te beperken tot het schrijven van programma’s in hun pogingen God te spelen, maar zijn zij aan de slag gegaan met de bouwstenen van het leven zelf.

Clyde Hutchinson, verbonden aan het Institute for Genomic Research en de universiteit van North Carolina, heeft op het grootschalige wetenschapscongres dat wordt georganiseerd door de Amerikaanse Association for the Advancement of Science (AAAS) gezegd dat een synthetisch virus niet lang meer op zich zal laten wachten. Hoewel eerst nog een aantal problemen overwonnen moeten worden, zou binnen 5 jaar een eerste artificieel virus ontwikkeld kunnen worden.

Niet iedereen zou dat overigens als echt kunstmatig leven beschouwen, omdat virussen nog steeds van een gastcel afhangen om zich voort te planten. Het eerste echte door mensenhanden gemaakte leven zal wellicht een bacterie zijn, aanzienlijk complexer dan een virus, maar nog steeds doenbaar, volgens sommigen.

Kunstmatig leven zou best wel eens kunnen voortkomen uit de kennis die werd opgebouwd in het minimaal genoomproject, zo zegt Hutchinson, die ook zelf betrokken was bij deze zoektocht naar het minimale aantal bestanddelen dat nodig is om van leven te kunnen spreken.

De mogelijkheid synthetische virussen te ontwikkelen houdt grote beloften in, vooral in verband met gentherapie. Daarbij lijken virussen immers de aangewezen dragers om de gemodificeerde genen in de cellen te brengen. Anderen wijzen dan weer op de gevaren van het rommelen met kunstmatige levensvormen. In de verkeerde handen zou deze technologie kunnen worden gebruikt om een super-pathogeen te maken, een biologisch wapen waarmee een samenleving geterroriseerd zou kunnen worden. Maar dat lijkt een overbodige vrees te zijn, terroristen zouden namelijk op veel eenvoudigere manier eenzelfde resultaat kunnen bereiken, bv. door gebruik te maken van reeds bestaande genetische manipulatietechnieken. Er zijn overigens nog enkele belangrijke obstakels te overwinnen vooraleer aan de bouw van een virus begonnen kan worden. Zo slaagt men er nog steeds niet in synthetische genen iets te laten doen en is er nog steeds een levende cel nodig om genen te vertalen in mRNA en proteďnen.

Plantaardig plastic

De grens tussen wat natuurlijk groeit en wat door mensenhanden wordt gemaakt wordt trouwens in beide richtingen overgestoken. Clint Chapple, verbonden aan de Purdue School of Agriculture en Knut Meyer van industriereus DuPont hebben de handen in elkaar geslagen in een poging planten ertoe te overhalen voldoende monomeren aan te maken om het produceren van plastic uit plantaardige grondstoffen economisch haalbaar te maken. Het onderzoek maakt deel uit van DuPonts ‘Planten als fabrieken’-programma, wat in de Engelse versie - ‘Plants as Plants’ - natuurlijk heel wat hipper klinkt.

Nu is het nog steeds goedkoper plastic uit petroleum te maken, ook al is petroleum geen onuitputbare grondstof. Uit het petroleum worden polymeren gehaald, kettingen van moleculen die in deze branche monomeren worden genoemd. Maar het aantal soorten polymeren dat uit petroleum wordt gehaald is beperkt en men is dan ook naarstig op zoek naar andere productiemethoden.

Planten lijken de oplossing te zijn, aangezien zij kleine chemische fabriekjes zijn die verscheidene interessante chemicaliën aanmaken, zij het in te kleine hoeveelheden om economisch interessant te zijn. Twee stappen kunnen daar echter een mouw aanpassen, en volgens Chapple en Meyer staat niets het nemen van deze stappen nog in de weg.

In eerste instantie zouden de genen geďdentificeerd moeten worden die instaan voor de productie van de interessante monomeren. Die kunnen dan dankzij genetische manipulatie in opbrengstgewassen worden ingebracht. Daarna moet er ook voor gezorgd worden dat de plant in kwestie de aangemaakte chemicaliën kan bewaren. Dat was tot voor kort onmogelijk, maar het onderzoek van beide heren heeft de manier waarop planten stoffen in bepaalde cellen - vacuolen - bewaren ontsloten.

Binnen afzienbare tijd zouden dus planten kunnen worden gebruikt om nieuwe soorten plastic aan te maken. De gevolgen daarvan zijn nu nog nauwelijks in te schatten, zeggen de onderzoekers. Maar opgewonden zijn ze wel, vooral omdat het patent dat zij hebben aangevraagd veel kans maakt goedgekeurd te worden.

(DdV)


 
Related links:

 

Het minimaal genoomproject

DuPont

 

© David de Vaal